Fotobijschrift: Said, mentor kleinschalige woongroep
Habte wilde vroeger voetballer worden bij een grote club en Kaleb dokter omdat hij zag hoeveel mensen hulp nodig hadden. Destijds in Eritrea waren ze nog onbevangen en jong. Dat veranderde omdat het Eritrese regime jongeren al vroeg dwingt tot een eindeloze en gevaarlijke dienstplicht. Habte en Kaleb sloegen op de vlucht, maar raakten onderweg hun families kwijt. Na uitputtende omzwervingen kwamen de tieners via het COA uiteindelijk terecht in de kleinschalige woongroep (KWG) voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen in Helmond.
Twaalf jongeren van 15 tot 18 jaar, die allen een voogd hebben van Nidos, werken in de woongroep aan een bestaan in de Nederlandse samenleving. Mentoren van Combinatie Jeugdzorg begeleiden hen daarbij. De jongeren gaan naar school en hebben waar mogelijk een bijbaantje.
Vertrouwen in mentor
De mentoren hebben uiteenlopende etnisch-culturele achtergronden. Said is afkomstig uit Somalië. “Ik ben zelf op mijn 10e gevlucht, al was dat wel samen met mijn moeder. De jongeren en ik herkennen veel van elkaar, dat helpt hen zich te uiten.” Kaleb: “Mijn mentor betekent veel voor me. Ik durf dingen te zeggen die ik aan niemand anders vertel.” Habte ervaart dat zijn mentor luistert en begripvol is. “Mijn mentor is iemand die ik kan vertrouwen en die me helpt, dat is belangrijk voor me.”
Het gemis van hun familie drukt flink op de jongens. Kaleb: “Ik voel me in Nederland veiliger dan in Eritrea, maar ik mis de warmte van de bevolking. Familie is in Eritrea altijd dichtbij, hier voel ik me soms alleen en dan trek ik me terug. Maar er zijn ook momenten waarop ik me echt gezien voel. Dat doet goed.” Habte moet er vooral aan wennen dat iedereen en alles hier anders is, mensen, taal en cultuur. Hij koestert wel de vrijheid en rust van Nederland en kan het waarderen dat alles goed is georganiseerd. “Maar door die georganiseerdheid moet je wel vaak lang wachten voordat zaken geregeld zijn.”
Begeleiden, coachen en opvoeden
Said: “We geven jongeren mee dat ze hier de kans krijgen om iets van hun leven te maken, maar dat ze daar wel iets voor moeten doen en geduld moeten hebben.” Mentor zijn is voor Said een combinatie van begeleiden, coachen en opvoeden. “Het is aanvoelen waar de jongeren behoefte aan hebben, stimuleren, begrenzen. Nabij zijn en ruimte geven, ze moeten kunnen lachen, huilen en stil zijn. Ik zeg altijd: ik ken jouw familie niet, maar jouw ouders hebben mij de verantwoordelijkheid gegeven om een stuk met jou mee op te lopen in jouw ontwikkeling.” Habte heeft op de groep inmiddels geleerd om geduld te hebben en niet alles alleen te doen, maar hulp te vragen. Kaleb: “Ik heb geleerd dat ik mijn gevoelens niet hoef te verstoppen als ik ergens mee zit en dat praten helpt. Dat ervaar ik ook.”
Gat in ontwikkeling vullen
Said: “Wat we als mentoren in wezen doen is jongeren helpen een gat in hun ontwikkeling in te vullen. Door hun vlucht, de dreiging onderweg, het gebrek aan vertrouwde familieleden en de onzekerheid in grootschalige opvanglocaties was er minder ruimte voor hun ontwikkeling als kind. Hier geven we hen de ruimte om puber te zijn. Dat is belangrijk voor hun ontwikkeling. Ik heb dat zelf ook ervaren na mijn vlucht. Door te kunnen puberen heb ik veel geleerd waardoor ik geworden ben wie ik nu ben. Ook de kleinschaligheid van de groep is een grote meerwaarde. Iedere jongere krijgt alle aandacht en voelt zich gezien.” Als voormalig vluchteling hoopt Said de jongeren te inspireren met wat ze kunnen bereiken. “Ze zien in mij iemand die hetzelfde heeft meegemaakt en nu een normaal leven en een betekenisvolle baan heeft. Dat geeft hoop: het komt goed met inzet en geduld.”
Een normaal leven. Hoe ziet dat er voor Kaleb en Habte uit? Kaleb wil iets in de zorg of sociaal werk om anderen te helpen. “Ik wil het verschil maken, misschien als verpleegkundige.” Habte droomt nog weleens van die grote voetbalclub. “Ik denk aan sport of misschien techniek. Ik wil eigenlijk gewoon een goed leven opbouwen en iets doen waar ik trots op kan zijn.”
Om privacy redenen zijn Habte en Kaleb niet de echte namen van deze jongeren